
Geschreven door Kirsten Hogendoorn, Expert bij Personal Body Plan.
Zodra de zomer begint, verandert voor veel mensen de dagelijkse routine. Vakanties, dagjes weg, terrasjes en mooi weer zorgen ervoor dat de sportschool vaak minder prioriteit krijgt. Daardoor ontstaat regelmatig de angst dat conditie, spiermassa of gezondheid snel achteruitgaan.
Die angst is begrijpelijk, maar vaak niet nodig.
Fitheid ontstaat namelijk niet door één specifieke trainingslocatie. Je lichaam maakt geen onderscheid tussen een sportschool, een strand, een bos of een camping. Het reageert op beweging, belasting, herstel, voeding en slaap.
Voor veel mensen biedt de zomer zelfs kansen om meer te bewegen dan normaal. Wandelen, fietsen, zwemmen, spelen met kinderen, tuinieren of actieve uitstapjes zorgen vaak voor veel meer dagelijkse activiteit dan tijdens een gemiddelde werkweek.
De belangrijkste les is daarom dat fit blijven niet draait om perfect trainen. Het draait om actief blijven binnen de context van je leven.
Je hebt eindelijk vakantie.
De wekker gaat niet meer vroeg. De agenda is minder vol. Misschien zit je op een camping in Frankrijk, loop je door een stad in Italië of geniet je van een paar vrije weken thuis.
Tegelijkertijd merk je dat je normale routine verandert.
De sportschool zit niet om de hoek. Je vaste trainingsmoment valt weg. De dagen verlopen anders dan normaal.
Voor veel mensen ontstaat dan een ongemakkelijk gevoel.
"Raak ik nu mijn conditie kwijt?"
"Verdwijnt mijn spiermassa?"
"Moet ik toch ergens een sportschool zoeken?"
Die vragen zijn logisch. Veel mensen hebben geleerd om fitheid te koppelen aan trainen. Maar fitheid is veel breder dan dat.
Gezondheid, energie en belastbaarheid worden niet alleen bepaald door wat je doet tijdens een training. Ze worden beïnvloed door alles wat je gedurende de dag doet. Door beweging, slaap, voeding, herstel, stress en de manier waarop je omgeving je gedrag beïnvloedt [1,2].
De vraag is daarom niet of je exact hetzelfde moet blijven trainen als thuis.
De vraag is hoe je actief kunt blijven wanneer je leven er tijdelijk anders uitziet.
Wanneer mensen denken aan fitheid, denken ze vaak aan conditie of spierkracht.
In werkelijkheid bestaat fitheid uit veel meer onderdelen.
Je fysieke belastbaarheid wordt beïnvloed door spiermassa, kracht, conditie, mobiliteit, herstelvermogen, energieniveau en algemene gezondheid [1,4].
Daarnaast spelen ook psychologische en sociale factoren een rol. Hoe goed je slaapt, hoeveel stress je ervaart, hoe je omgeving eruitziet en welke gewoontes je hebt opgebouwd beïnvloeden allemaal hoe fit je je voelt.
Binnen het neurobiopsychosociale model wordt gezondheid daarom gezien als een samenspel tussen Brain, Body, Mind en Life. Veranderingen in één onderdeel hebben vaak invloed op de andere onderdelen [5].
Fitheid ontstaat dus niet in een gebouw.
Fitheid ontstaat uit de manier waarop al deze factoren samenwerken.
Veel mensen bewegen tijdens vakanties minder gestructureerd, maar zijn tegelijkertijd juist actiever.
Tijdens een stedentrip loop je misschien twintigduizend stappen per dag.
Op een camping fiets je vaker.
Tijdens een strandvakantie zwem je regelmatig.
Of je brengt simpelweg veel meer tijd buiten door dan tijdens een normale werkweek.
Toch voelen veel mensen zich minder actief omdat ze niet trainen zoals ze gewend zijn.
Dat heeft deels te maken met hoe ons brein werkt.
Gewoontes zijn sterk gekoppeld aan context. Wanneer de omgeving verandert, veranderen vaak ook de automatische gedragingen die daarbij horen. Een vaste route naar de sportschool, een vaste trainingstijd of een bekende trainingspartner vallen tijdelijk weg. Daardoor voelt het alsof de routine verdwenen is, terwijl er vaak nog steeds veel beweging aanwezig is [15].
Je lichaam reageert op beweging, niet op een sportschool
Ze weten niet of je een trap oploopt in een hotel, een heuvel beklimt tijdens een wandeling of een squat uitvoert in een fitnesscentrum.
Wat spieren wel registreren is belasting.
Wanneer spieren worden uitgedaagd ontstaat mechanische spanning. Dat is één van de belangrijkste signalen voor spierbehoud en spiergroei [6].
Natuurlijk levert een volledig krachttrainingsprogramma doorgaans meer trainingsprikkels op dan af en toe een wandeling. Maar dat betekent niet dat alle resultaten direct verdwijnen zodra je tijdelijk minder of anders traint.
Spieropbouw kost maanden tot jaren. Spierverlies verloopt meestal aanzienlijk langzamer, zeker wanneer je actief blijft en voldoende eiwitten blijft eten [7].
Dat je geen sportschool nodig hebt om actief te blijven, betekent niet dat alle vormen van beweging hetzelfde effect hebben.
Een wandeling, fietstocht of actieve vakantiedag kan veel bijdragen aan gezondheid en energiegebruik. Toch zijn er bepaalde aanpassingen van het lichaam waarvoor een specifieke trainingsprikkel nodig is.
Spiermassa en kracht ontwikkelen zich vooral wanneer spieren regelmatig worden blootgesteld aan voldoende mechanische spanning [6].
Juist daarom wordt krachttraining binnen Changing Life gezien als een belangrijke basis voor gezondheid, prestaties en lichaamssamenstelling.
Meer spiermassa hangt samen met een betere insulinegevoeligheid, een hogere fysieke belastbaarheid en een lager risico op fysieke kwetsbaarheid op latere leeftijd [4].
Dat betekent niet dat je tijdens een vakantie exact hetzelfde trainingsschema moet volgen als thuis.
Wel betekent het dat het verstandig kan zijn om je spieren regelmatig te blijven uitdagen.
Dat hoeft niet altijd in een sportschool.
Lichaamsgewichtoefeningen, weerstandsbanden, een buitengym of een paar korte krachttrainingen per week kunnen al helpen om veel van je opgebouwde trainingsadaptaties te behouden.
Veel mensen onderschatten hoeveel invloed dagelijkse beweging heeft op gezondheid.
We denken vaak dat een training het belangrijkste moment van de dag is. Maar een groot deel van ons energiegebruik ontstaat juist buiten de sportschool.
Wandelen naar het strand.
Fietsen naar het dorp.
Een bergwandeling.
Spelen met kinderen.
Tuinieren.
Traplopen.
Al deze vormen van beweging tellen mee.
Sterker nog: iemand die drie keer per week sport maar verder vrijwel de hele dag zit, beweegt mogelijk minder dan iemand die niet sport maar dagelijks veel actief is.
Vanuit gezondheidsperspectief blijkt juist die dagelijkse activiteit sterk samen te hangen met gezondheid, levensverwachting en welzijn [1,2,11].
Veel mensen denken dat actief blijven vooral een kwestie is van motivatie.
In werkelijkheid ontstaat gedrag uit een veel complexer samenspel van factoren.
Ons brein probeert voortdurend te voorspellen wat het lichaam nodig heeft om toekomstige situaties aan te kunnen. Dit proces noemen we allostase [8,9].
Die voorspellingen beïnvloeden onder andere energie, motivatie, aandacht en gedrag.
Wanneer je normaal gesproken iedere maandag, woensdag en vrijdag naar dezelfde sportschool gaat, wordt dat gedrag voor een groot deel automatisch uitgevoerd.
Valt die context weg, dan moet het brein opnieuw bepalen hoe beweging past binnen de nieuwe situatie.
Daarom werkt het vaak beter om tijdens vakantie niet vast te houden aan het oude schema, maar nieuwe manieren van bewegen te zoeken die passen bij de omgeving waarin je je bevindt.
De makkelijkste manier om actief te blijven tijdens de zomer is vaak niet door je normale trainingsschema perfect te kopiëren.
Het werkt meestal beter om beweging onderdeel te maken van de dag.
Vraag jezelf daarom niet alleen af:
"Wanneer ga ik trainen?"
Maar ook:
"Hoe kan ik vandaag meer bewegen?"
Dat kan betekenen dat je een wandeling maakt voordat het warm wordt.
Dat je de fiets pakt in plaats van de auto.
Dat je een half uur gaat zwemmen.
Of dat je een korte(re) workout doet (met lichaamsgewichtoefeningen).
Voor veel mensen werkt een minimale versie van hun normale routine goed. In plaats van vier uitgebreide trainingen per week doe je bijvoorbeeld twee korte trainingen. In plaats van een perfect voedingsschema zorg je ervoor dat iedere maaltijd een goede eiwitbron bevat.
Op die manier blijft gezond gedrag aanwezig zonder dat het voelt als een verplichting.
Vergeet herstel niet
Fit blijven draait niet alleen om beweging.
Juist vakanties bieden vaak kansen om beter te herstellen.
Veel mensen slapen meer.
Ze ervaren minder werkstress.
Ze brengen meer tijd buiten door.
Ze hebben meer sociale contacten.
Al deze factoren beïnvloeden gezondheid, herstel en welzijn [1,10].
Soms levert een week met iets minder training maar aanzienlijk meer herstel uiteindelijk meer op dan een week waarin iemand koste wat kost probeert hetzelfde trainingsschema te volgen.
Niet iedereen reageert hetzelfde op een periode met minder training.
Leeftijd, trainingsniveau, energiebalans, slaapkwaliteit, herstelcapaciteit en doelen spelen allemaal een rol [7].
Daarnaast verschilt iedere vakantie.
Een actieve wandelvakantie stelt andere eisen aan het lichaam dan twee weken volledig ontspannen aan het zwembad.
Daarom bestaat er geen universele aanpak die voor iedereen optimaal is.
Wat voor de één logisch is, hoeft voor de ander niet de beste keuze te zijn.
Synthese
Fitheid ontstaat niet door een sportschoolabonnement.
Fitheid ontstaat uit de voortdurende samenwerking tussen brein, lichaam, gedrag en omgeving.
Het lichaam reageert op beweging en herstel.
Het brein stuurt gedrag op basis van gewoontes, verwachtingen en eerdere ervaringen.
De omgeving bepaalt welke keuzes makkelijk of moeilijk worden.
Juist daarom hoeft een veranderde omgeving tijdens de zomer geen bedreiging te zijn voor je resultaat.
Je hebt geen sportschool nodig om fit te blijven.
Wandelen, fietsen, zwemmen, buiten sporten en andere vormen van beweging kunnen allemaal bijdragen aan gezondheid, conditie en belastbaarheid.
De belangrijkste factor is niet waar je beweegt, maar dat je blijft bewegen. En geniet van de vakantieperiode!
[1] Warburton, D. E. R., & Bredin, S. S. D. (2017). Health benefits of physical activity: A systematic review of current systematic reviews. Current Opinion in Cardiology, 32(5), 541-556.
[2] Bull, F. C., Al-Ansari, S. S., Biddle, S., et al. (2020). World Health Organization 2020 guidelines on physical activity and sedentary behaviour. British Journal of Sports Medicine, 54(24), 1451-1462.
[3] Hall, K. D., & Kahan, S. (2018). Maintenance of lost weight and long-term management of obesity. Medical Clinics of North America, 102(1), 183-197.
[4] Blair, S. N., Cheng, Y., & Holder, J. S. (2001). Is physical activity or physical fitness more important in defining health benefits? Medicine & Science in Sports & Exercise, 33(6), S379-S399.
[5] Engel, G. L. (1977). The need for a new medical model: A challenge for biomedicine. Science, 196(4286), 129-136.
[6] Schoenfeld, B. J. (2010). The mechanisms of muscle hypertrophy and their application to resistance training. Journal of Strength and Conditioning Research, 24(10), 2857-2872.
[7] Grgic, J., Schoenfeld, B. J., Davies, T. B., Lazinica, B., Krieger, J. W., & Pedisic, Z. (2018). Effect of resistance training frequency on gains in muscular strength. Sports Medicine, 48(5), 1207-1220.
[8] Sterling, P. (2012). Allostasis: A model of predictive regulation. Physiology & Behavior, 106(1), 5-15.
[9] McEwen, B. S., & Wingfield, J. C. (2010). What is in a name? Integrating homeostasis, allostasis and stress. Hormones and Behavior, 57(2), 105-111.
[10] Potter, G. D. M., Skene, D. J., Arendt, J., Cade, J. E., Grant, P. J., & Hardie, L. J. (2016). Circadian rhythm and sleep disruption. Proceedings of the Nutrition Society, 75(4), 411-421.
[11] Ekelund, U., Tarp, J., Steene-Johannessen, J., et al. (2019). Dose-response associations between accelerometry measured physical activity and all-cause mortality. BMJ, 366, l4570.
[12] Westcott, W. L. (2012). Resistance training is medicine. Current Sports Medicine Reports, 11(4), 209-216.
[13] Kelly, P., Williamson, C., Baker, G., Davis, A., & Mutrie, N. (2024). Walking and health outcomes: Umbrella review of systematic reviews and meta-analyses. British Journal of Sports Medicine, 58(17), 964-973.
[14] Deci, E. L., & Ryan, R. M. (2000). The "what" and "why" of goal pursuits: Human needs and the self-determination of behavior. Psychological Inquiry, 11(4), 227-268.